jalap
Uiterlijk

- ja·lap
- van Frans jalap
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | jalap | jalappen |
| verkleinwoord |
de jalap m
- (bloemplanten) Ipomoea purga
een plant uit de familie Convolvulaceae
en de orde Solanales 
- (bloemplanten) de wortelknollen van deze plant
- (medisch) een laxeermiddel gemaakt van de stengels van de plant
- ▸ Des anderendaags moet men Buikzuiveren, met anderhalf once Aloë van Socotora, anderhalf once oude Theriak, met de wortel van Jalap, en met de Sublimatus dulcis, van elks evenveel.[1]
- Het woord jalap staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "jalap" herkend door:
| 7 % | van de Nederlanders; |
| 8 % | van de Vlamingen.[2] |
- ↑
Weblink bron M. Noel Chomel“Huishoudelyk woordboek”, DBNL - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 5
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Bloemplanten in het Nederlands
- Medisch in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 7 %
- Prevalentie Vlaanderen 8 %