irregulierders

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ir·re·gu·lier·ders

Bijvoeglijk naamwoord

irregulierders

  1. partitief van de vergrotende trap van irregulier
    • Dat is iets irregulierders...