introductietijd

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·tro·duc·tie·tijd
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord introductietijd introductietijden
verkleinwoord introductietijdje introductietijdjes

Zelfstandig naamwoord

introductietijd m

  1. periode waarin men in de gelegenheid wordt gesteld kennis te maken met een nieuwe situatie

Gangbaarheid

Meer informatie