intoneren

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·to·ne·ren
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
intoneren
intoneerde
geïntoneerd
zwak -d volledig

Werkwoord

intoneren overgankelijk

  1. een bepaalde stembuiging volgen in het spreken
  2. (muziek) de toon aangeven en de muziek beginnen
  3. (muziek) juist stemmen
    intoneren bij Woordenboek der Nederlandse taal (1500 tot ...)
Afgeleide begrippen

Gangbaarheid

82 % van de Nederlanders
71 % van de Vlamingen.

Meer informatie