interviewer
Uiterlijk
- Geluid: interviewer (hulp, bestand)
- IPA: / ˈɪntərˌvjuwər / (4 lettergrepen)
- in·ter·vie·wer
- Naamwoord van handeling van interviewen met het achtervoegsel -er
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | interviewer | interviewers |
| verkleinwoord | interviewertje | interviewertjes |
de interviewer m
- (beroep) de persoon die de vragen stelt in een vraaggesprek, de geïnterviewde geeft de antwoorden.
- Coen Verbraak is een bekende interviewer.
- Het woord interviewer staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "interviewer" herkend door:
| 98 % | van de Nederlanders; |
| 98 % | van de Vlamingen.[1] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| infinitief | verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| interviewer |
interviewais |
interviewé |
| eerste groep | volledig | |
interviewer
- ↑ interviewer (Etymologie) in: Le Trésor de la Langue Française informatisé (1971-1994)
op de website cnrtl.fr
.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 11
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -er in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Beroep in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 98 %
- Prevalentie Vlaanderen 98 %
- Woorden in het Frans
- Woorden in het Frans van lengte 11
- Woorden in het Frans met audioweergave
- Woorden in het Frans met IPA-weergave
- Achtervoegsel -er in het Frans
- Werkwoord in het Frans
- Overgankelijk werkwoord in het Frans