interrogateur
Uiterlijk
- geleend van Laatlatijn interrogator, geattesteerd sinds de 16de eeuw [1]
| enkelvoud | meervoud | ||
|---|---|---|---|
| zonder lidwoord | met lidwoord | zonder lidwoord | met lidwoord |
| interrogateur | l'interrogateur | interrogateurs | les interrogateurs |
interrogateur m
- ↑ interrogateur (Etymologie) in: Le Trésor de la Langue Française informatisé (1971-1994)
op de website cnrtl.fr
.