instuif

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·stuif
enkelvoud meervoud
naamwoord instuif instuiven
verkleinwoord instuifje instuifjes

Zelfstandig naamwoord

instuif m

  1. onvormelijk feest in een nieuwe woning om deze in te huldigen
Synoniemen

Gangbaarheid

89 % van de Nederlanders;
89 % van de Vlamingen.

Werkwoord

vervoeging van
instuiven

instuif

  1. (in een bijzin) eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van instuiven
    • ... dat ik instuif.