inspectie

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·spec·tie
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘onderzoek’ voor het eerst aangetroffen in 1544 [1]
  • van het Frans [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord inspectie inspecties
verkleinwoord inspectietje inspectietjes

Zelfstandig naamwoord

inspectie v

  1. een grondige en nauwkeurige controle
    • De inspectie werd uitgevoerd door twee heren van de politie. 
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen