inschakelen
Uiterlijk
- Geluid: inschakelen (hulp, bestand)
- IPA: / ˈɪnsxakələ(n) / (4 lettergrepen)
- in·scha·ke·len
- samenstelling van in bw en schakelen ww
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| inschakelen |
schakelde in |
ingeschakeld |
| zwak -d | volledig | |
inschakelen
- overgankelijk een toestel in actie stellen
- Hij had de meetapparatuur net ingeschakeld toen de vulkaan heftig vuur begon te spugen.
- overgankelijk een persoon of instantie bij een zaak betrekken
- Hij had een privédetective ingeschakeld.
- Het woord inschakelen staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "inschakelen" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
| 100 % | van de Vlamingen.[1] |
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 11
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zwak werkwoord (-d) in het Nederlands
- Werkwoord in het Nederlands
- Scheidbaar werkwoord in het Nederlands
- Overgankelijk werkwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 100 %
- Prevalentie Vlaanderen 100 %