inpakken

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·pak·ken
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
inpakken
pakte in
ingepakt
zwak -t volledig

Werkwoord

inpakken

  1. overgankelijk in een verpakking doen
    • Op deze foto zie je Kim voor haar broertjes' eerste verjaardag een cadeautje inpakken. 
  2. overgankelijk in een omhulsel doen
    • De machine pakte een doos met tomatensoep in. 
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen
Onderstaande vertalingen dienen nagekeken te worden en omgezet in de bovenstaande tabellen. Nummers na de vertalingen komen niet noodzakelijk overeen met de opgegeven definities. Voor meer uitleg zie WikiWoordenboek:Hoe vertalingen nakijken.

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.