inkrimpen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·krim·pen
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
inkrimpen
kromp in
ingekrompen
klasse 3 volledig

Werkwoord

inkrimpen

  1. overgankelijk tot kleinere omvang terugbrengen
    • De financiële sector is één van de belangrijkste oorzaken van de wereldwijde crisis en moet drastisch ingekrompen worden. [1]  
  2. ergatief kleiner in omvang worden
    • Deze invoeren moeten plaatsvinden, omdat in de crisistijd de binnenlandse veestapel wegens gebrek aan veevoeder is ingekrompen. 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Martijn van der Linden, in een verkiezingsdebat op 25 mei 2010