infanticide

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·fan·ti·ci·de
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord infanticide infanticiden
infanticides
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

infanticide v

  1. het doden van pasgeboren kinderen, babymoord

Gangbaarheid

43 % van de Nederlanders;
53 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen