Naar inhoud springen

ineenzakken

Uit WikiWoordenboek
  • in·een·zak·ken

ineenzakken [1]

stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
ineenzakken
zakte ineen
ineengezakt
zwak -t volledig
  1. (medisch) flauwvallen door verlies van kracht en bewustzijnsverlies
     De angstige momenten van vorige zomer stonden nog bij eenieder in het geheugen gegrift. Het plotse ineenzakken van Eriksen tijdens de EK-wedstrijd tussen Denemarken en Finland, de paniek op de gezichten van zijn ploeggenoten en het wachten op nieuws dat uiteindelijk positief bleek - het hart van de middenvelder klopte weer.[2]
  2. tot een hoop vallen omdat de kracht om overeind te blijven verloren gaat
  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Bronlink geraadpleegd op 7 december 2023 Weblink bron “Van heldenonthaal tot fraaie 3-0; Eriksen schittert bij terugkeer op plek des onheils” (Dinsdag 29 maart 2022, 19:49), NOS