indringend

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·drin·gend
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen indringend indringender indringendst
verbogen indringende indringendere indringendste
partitief indringends indringenders -

Bijvoeglijk naamwoord

indringend

  1. indruk makend, emotie losmakend
    • Ze hoorden glasgerinkel gevolgd door een indringend gegil. 
    • Het is een buitengewoon indringende film. 
Afgeleide begrippen

Werkwoord

vervoeging van
indringen

indringend

  1. onvoltooid deelwoord van indringen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.