independizara
Uiterlijk
| vervoeging van |
|---|
| independizar |
independizara
- aanvoegende wijs eerste persoon enkelvoud verleden tijd (pretérito imperfecto) van independizar
- aanvoegende wijs derde persoon enkelvoud verleden tijd (pretérito imperfecto) van independizar
| vervoeging van |
|---|
| independizarse |
independizara
- aanvoegende wijs eerste persoon enkelvoud verleden tijd (pretérito imperfecto) van independizarse
- aanvoegende wijs derde persoon enkelvoud verleden tijd (pretérito imperfecto) van independizarse