incestueuzers

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·ces·tu·eu·zers

Bijvoeglijk naamwoord

incestueuzers

  1. partitief van de vergrotende trap van incestueus
    • Dat is iets incestueuzers...