impeccable
Uiterlijk
- Geluid: impeccable (VS) (hulp, bestand)
- IPA: /ɪm'pɛkəbəl/
- Afkomstig van het Latijnse impeccabilis.
| stellend | vergrotend | overtreffend |
|---|---|---|
| impeccable | more impeccable | most impeccable |
impeccable
- Geluid: impeccable (Lyon, Frankrijk) (hulp, bestand)
- IPA: /ɛ̃.pɛ.kabl/
- Leenwoord van Latijn impeccabilis [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| mannelijk / vrouwelijk |
impeccable | impeccables |
impeccable
- onberispelijk, foutloos
- onfeilbaar
- (religie) zonder zonde
- impec (verkorting, spreektaal)
- ↑ impeccable (Etymologie) in: Le Trésor de la Langue Française informatisé (1971-1994)
op de website cnrtl.fr
.
Categorieën:
- Woorden in het Engels
- Woorden in het Engels van lengte 10
- Woorden in het Engels met audioweergave
- Woorden in het Engels met IPA-weergave
- Bijvoeglijk naamwoord in het Engels
- Woorden in het Frans
- Woorden in het Frans van lengte 10
- Woorden in het Frans met audioweergave
- Woorden in het Frans met IPA-weergave
- Bijvoeglijk naamwoord in het Frans
- Religie in het Frans