immuundeficiëntie
Uiterlijk
- im·muun·de·fi·ci·en·tie
- samenstelling van immuun en deficiëntie
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | immuundeficiëntie | - |
| verkleinwoord | - | - |
de immuundeficiëntie v
- (medisch) een niet of niet goed functionerend immuunsysteem (afweersysteem), veroorzaakt door een ziekte of door een geneesmiddel dat een patiënt gebruikt
1.
- Het woord 'immuundeficiëntie' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.