hyena

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Een hyena

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hy·e·na
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘hyena-achtige’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1552 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord hyena hyena's
verkleinwoord hyenaatje hyenaatjes

Zelfstandig naamwoord

hyena v/m

  1. (zoogdieren) Hyaeninae op Wikispecies een carnivoor, aaseter en een middelgroot nachtroofdier
    • Heeft u een plaatje van een hyena? 
  2. (insecten) Cosmia trapezina op Wikispecies een vlinder uit de familie van de uilen (Noctuidae)
    • De rupsen van de hyena doen hun naam eer aan: ze eten andere rupsen. 
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen


Engels

enkelvoud meervoud
hyena hyenas

Zelfstandig naamwoord

hyena

  1. (zoogdieren) hyena.