huitre

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Frans

Uitspraak
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  huitre     l'huitre     huitres     les huitres  

Zelfstandig naamwoord

huitre v (orthographe rectifiée, spelling ná 1990)

  1. (tweekleppigen) oester
  2. (spreektaal) stommeling, lomperik
    «Quelle huitre ce Fernand.»
    Wat een oen, die Fernand.[1]
  3. (spreektaal) rochel[1]
Schrijfwijzen

Verwijzingen