huidprobleem

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • huid·pro·bleem
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord huidprobleem huidproblemen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

huidprobleem o

  1. (medisch) aandoening van de huid
    • Het huidcentrum is opgericht om specialistische zorg te bieden, die elders niet gegeven kan worden. Dit is zorg die zich toespitst op huidproblemen, allergieën en spataderen.[1] 
    • Tot nu toe was nog niet bekend hoe vaak. Het Nivel onderzocht gegevens van 80 huisartsenpraktijken en concludeerde dat van 2876 vrouwen tussen de 15 en 40 die het geneesmiddel voorgeschreven kregen, bij een derde geen sprake was van huidproblemen.[2] 
Synoniemen

Gangbaarheid

Verwijzingen