horren

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hor·ren

Zelfstandig naamwoord

horren mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord hor

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders;
72 % van de Vlamingen.