hooisnijder

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hooi·snij·der
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord hooisnijder hooisnijders
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

hooisnijder m

  1. (landbouw) (beroep) iemand die hooi snijdt (met zeis of sikkel)

Gangbaarheid