hoogvlaktetjes

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hoog·vlak·te·tjes

Zelfstandig naamwoord

hoogvlaktetjes mv

  1. verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord hoogvlakte