hoogtevrees

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hoog·te·vrees
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord hoogtevrees -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

hoogtevrees v

  1. buitensporige angst voor hoogten
    • Haar hoogtevrees liet haar niet toe naar het panorama vanop de berg te kijken. 
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie