hoofdnerf

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hoofd·nerf
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord hoofdnerf hoofdnerven
verkleinwoord hoofdnerfje hoofdnerfjes

Zelfstandig naamwoord

hoofdnerf v / m

  1. (plantkunde) middelste nerf van een blad
Synoniemen

Gangbaarheid

84 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.