honorarium

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ho·no·ra·ri·um
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord honorarium honoraria
honorariums
verkleinwoord honorariumpje honorariumpjes

Zelfstandig naamwoord

honorarium o

  1. een geldelijke beloning voor een geleverde dienst
    • Hij ontving een bescheiden honorarium voor zijn lezing. 
Hyponiemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen