holding

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hol·ding
enkelvoud meervoud
naamwoord holding holdings
verkleinwoord holdinkje holdinkjes

Zelfstandig naamwoord

holding v

  1. o (sport) overtreding bij ijshockey waarbij een tegenstander lang wordt tegengehouden
  2. o het rondcirkelen van vliegtuigen op een aangegeven hoogte vlak voor de landing
  3. m/v holdingcompany
Afgeleide begrippen

Gangbaarheid

91 % van de Nederlanders;
95 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be