hoerenzoontje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hoe·ren·zoon·tje

Zelfstandig naamwoord

hoerenzoontje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord hoerenzoon