historisk

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Deens

Uitspraak
Woordafbreking
  • hi·sto·risk
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Duitse bijvoeglijke naamwoord historisch, dat van het Latijnse woord historicus komt
  • Deens bijvoeglijk naamwoord met het achtervoegsel -isk
Naar frequentie 6289
stellend vergrotend overtreffend
onbepaald
(sterk)
g enkelvoud historisk
o enkelvoud historisk
meervoud historiske
bepaald
(zwak)
enkelvoud en
meervoud
historiske

Bijvoeglijk naamwoord

historisk

  1. (geschiedenis) geschiedkundig, historisch
Antoniemen


Afgeleide begrippen


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • me·di·sinsk
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Duitse bijvoeglijke naamwoord historisch, dat van het Latijnse woord historicus komt
  • Noors bijvoeglijk naamwoord met het achtervoegsel -isk
Naar frequentie 7046
stellend vergrotend overtreffend
onbepaald
(sterk)
m/v enkelvoud historisk
o enkelvoud historisk
meervoud historiske
bepaald
(zwak)
enkelvoud en
meervoud
historiske

Bijvoeglijk naamwoord

historisk

  1. (geschiedenis) geschiedkundig, historisch
Antoniemen


Afgeleide begrippen


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • hi·sto·risk
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Duitse bijvoeglijke naamwoord historisch, dat van het Latijnse woord historicus komt
  • Nynorsk bijvoeglijk naamwoord met het achtervoegsel -isk
stellend vergrotend overtreffend
onbepaald
(sterk)
m/v enkelvoud historisk
o enkelvoud historisk
meervoud historiske
bepaald
(zwak)
enkelvoud en
meervoud
historiske

Bijvoeglijk naamwoord

historisk

  1. (geschiedenis) geschiedkundig, historisch
Antoniemen
Afgeleide begrippen