hierrond
Uiterlijk
- hier·rond
- samenstelling van hier en rond
| vnw. bijw. | ||
|---|---|---|
| voorzetselbijwoord | rond | |
| persoonlijk | errond | |
| aanwijz. | nabij | hierrond |
| veraf | daarrond | |
| vragend/betrekk. | waarrond | |
hierrond
- nabij: *rond+dit, rond+deze:
- De regeling hierrond was niet goed uitgewerkt.
- Het woord hierrond staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.