hiërarchisch

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hi·ë·rar·chisch
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen hiërarchisch hiërarchischer
verbogen hiërarchische hiërarchischere
partitief hiërarchisch hiërarchischers -

Bijvoeglijk naamwoord

hiërarchisch

  1. van of volgens de opeenvolging van rangen
Vertalingen

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders;
95 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be