herhaaldelijkers

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • her·haal·de·lij·kers

Bijvoeglijk naamwoord

herhaaldelijkers

  1. partitief van de vergrotende trap van herhaaldelijk
    • Dat is iets herhaaldelijkers...