heken
Uiterlijk


- (IPA in voorbereiding)
- he·ken
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | heken | |
| verkleinwoord |
de heken mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord heek
- meervoudsvorm als officiële benaming (straalvinnigen) een familie Merlucciidae
in de orde van de kabeljauwachtigen (Gadiformes
). Ze zijn inheems in de Atlantische Oceaan en Stille Oceaan en algemeen voorkomend in de zuidelijke wateren van Tasmanië en Nieuw-Zeeland
- Het woord heken staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 5
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Zelfstandignaamwoordsvorm in het Nederlands
- Meervoudsvorm binnen nomenclatuur in het Nederlands
- Straalvinnigen in het Nederlands
- Vissen in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal