heet

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • heet
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘zeer warm’ voor het eerst aangetroffen in 901 [1]
  • [2]
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen heet heter heetst
verbogen hete hetere heetste
partitief heets heters -

Bijvoeglijk naamwoord

heet

  1. heel warm
    • De koffie is nog te heet om te drinken. 
  2. scherp, pittig, brandend van smaak
    • Door de vele pepers was het eten erg heet. 
  3. op enige wijze seksueel getint of seksueel aantrekkelijk
    • Wil je m'n zaad proeven ik ga je geven wat je wil in je mond liefste in je hete mond [3]
    • Laat mij vanavond naar je kamer komen in duizend hete dromen. [4]
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Werkwoord

vervoeging van
heten

heet

  1. enkelvoud tegenwoordige tijd van heten
  2. gebiedende wijs van heten

Verwijzingen