haussier

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • haus·sier
enkelvoud meervoud
naamwoord haussier haussiers
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

haussier m

  1. iemand die op koers- of prijsstijging speculeert
Verwante begrippen
Antoniemen

Gangbaarheid

25 % van de Nederlanders;
29 % van de Vlamingen.