hangende

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • han·gen·de
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘voorzetsel’ voor het eerst aangetroffen in 1626 [1]
  • hangend met de uitgang -e

Voorzetsel

hangende

  1. tijdens het verloop van, tot de afronding van
Synoniemen

gedurende

Bijvoeglijk naamwoord

hangende

  1. verbogen vorm van de stellende trap van hangend

Deelwoord

hangende

  1. verbogen vorm van het onvoltooid deelwoord hangend van hangen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen