halvera

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Zweeds

Uitspraak
Woordafbreking
  • hal·ve·ra
stamtijd
infinitief verleden
tijd
supinum
halvera
halverade
halverat
volledig

Werkwoord

halvera

  1. halveren (in twee gelijke helften verdelen)