halsstarrig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hals·star·rig
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstellende afleiding van hals en star met het achtervoegsel -ig [1]
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen halsstarrig halsstarriger halsstarrigst
verbogen halsstarrige halsstarrigere halsstarrigste
partitief halsstarrigs halsstarrigers -

Bijvoeglijk naamwoord

halsstarrig

  1. koppig en onredelijk vasthoudend aan een standpunt
    • Hij verwijt het bestuur een halsstarrige opstelling. 
    • De halsstarrige weigering om mee te werken zet kwaad bloed. 
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders
94 % van de Vlamingen.

Verwijzingen