halfrond

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Zuidelijk halfrond.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • half·rond
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord halfrond halfronden
verkleinwoord halfrondje halfrondjes

Zelfstandig naamwoord

halfrond o [1]

  1. (wiskunde), (geologie) (aardrijkskunde) het oppervlak van een halve bol, met name van de aarde
    Het noordelijk halfrond ontmoet het zuidelijk bij de evenaar.
Synoniemen
Hyponiemen
Vertalingen
stellend
onverbogen halfrond
verbogen halfronde
partitief halfronds

Bijvoeglijk naamwoord

halfrond [2]

  1. de vorm van een halve cirkel, cilinder of bol hebbend
Gangbaarheid
99 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen
  1. Woordenboek der Nederlandse taal
  2. Woordenboek der Nederlandse taal