halfbroer

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • half·broer
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord halfbroer halfbroers
verkleinwoord halfbroertje halfbroertjes

Zelfstandig naamwoord

halfbroer m

  1. Een halfbroer van een persoon is iemand van het mannelijk geslacht die één ouder, maar niet beide, deelt met die persoon.
    • Mijn vader is hertrouwd en mijn halfbroer is het kind van zijn nieuwe vrouw. 
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie