hagelskuren

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Zweeds

Uitspraak
Woordafbreking
  • ha·gel·sku·ren
Naar frequentie 211011

Zelfstandig naamwoord

hagelskuren

  1. nominatief bepaald gemeenschappelijk geslacht enkelvoud van hagelskur