hadde
Uiterlijk
- had·de
| vervoeging van |
|---|
| hebben |
hadde
- aanvoegende wijs van hebben
in de verleden tijd
- Hadde hij nog de kracht gehad om hem te gebruiken, voorzeker zou hij de overste doodgeschoten hebben.
- had·de
| Naar frequentie | 88 |
|---|
hadde
- verleden tijd van ha
- had·de
hadde
- verleden tijd van ha
hadde
- verouderde spelling of vorm van hadde tot 2005 (van ha)
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 5
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Werkwoordsvorm in het Nederlands
- Woorden in het Noors
- Woorden in het Noors van lengte 5
- Werkwoordsvorm in het Noors
- Woorden in het Nynorsk
- Woorden in het Nynorsk van lengte 5
- Werkwoordsvorm in het Nynorsk
- Oude spelling van het Noors van voor 2005
- Verouderd in het Nynorsk