Naar inhoud springen

haakje

Uit WikiWoordenboek
  • haak·je
  • afgeleid van  haak zn  met het achtervoegsel -je
[2] enkelvoud meervoud
naamwoord (haak) (haken)
verkleinwoord haakje haakjes

hethaakjeo

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord haak
     Gedesillusioneerd rolde ik mijn vislijn weer op en borg het haakje weer veilig weg.[1]
  2. alleen verkleinwoord elk van de tekens, rond of met hoeken, gebruikt in paren om woorden of getallen af te zonderen, zoals ( ) [ ]
100 %van de Nederlanders;
100 %van de Vlamingen.[2]
  1. Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be