gronderig

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • gron·de·rig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen gronderig gronderiger gronderigst
verbogen gronderige gronderigere gronderigste
partitief gronderigs gronderigers -

Bijvoeglijk naamwoord

gronderig [1]

  1. eigenschappen van aarde hebbend
     Een steil houten laddertje voert naar een tunnel. Het ruikt bedompt, gronderig.[2]
Synoniemen

Gangbaarheid

68 % van de Nederlanders;
43 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Bronlink Weblink bron Jacob Hoekman “Smokkeltunnel brengt ook journalist in Gaza” (16-02-2012), Reformatorisch Dagblad