grofstoffelijk
Uiterlijk
- grof·stof·fe·lijk
- In de betekenis van ‘ruw, onbehouwen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1975 [1]
- samenstelling van grof bn en stoffelijk bn [2]
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | grofstoffelijk | grofstoffelijker | grofstoffelijkst |
| verbogen | grofstoffelijke | grofstoffelijkere | grofstoffelijkste |
| partitief | grofstoffelijks | grofstoffelijkers | - |
grofstoffelijk
- Het woord grofstoffelijk staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.