groenarm
Uiterlijk
- groen·arm
- samenstelling van groen bn en arm zn
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | groenarm | groenarmer | groenarmst |
| verbogen | groenarme | groenarmere | groenarmste |
| partitief | groenarms | groenarmers | - |
groenarm
- met weinig bomen, struiken, weides of andere groenvoorzieningen
- Het woord 'groenarm' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "groenarm" herkend door:
| 41 % | van de Nederlanders; |
| 36 % | van de Vlamingen.[1] |
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be