gritstraal

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • grit·straal

Werkwoord

vervoeging van
gritstralen

gritstraal

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van gritstralen
    • Ik gritstraal. 
  2. gebiedende wijs van gritstralen
    • Gritstraal! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van gritstralen
    • Gritstraal je?