grijsgoed

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • grijs·goed
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord grijsgoed -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

grijsgoed o

  1. (elektronica) apparaten die dienen voor informatieverwerking en telecommunicatie (ICT), waarvan de kleur oorspronkelijk vaak grijs was
Verwante begrippen

Gangbaarheid

Meer informatie