gortdroog

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • gort·droog
Woordherkomst en -opbouw
stellend
onverbogen gortdroog
verbogen gortdroge
partitief gortdroogs

Bijvoeglijk naamwoord

gortdroog

  1. (intensief) bijzonder droog, zo droog als gort
    • Het gortdroge oude brood was werkelijk niet meer te eten. 

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
67 % van de Vlamingen.